Info / emailadressen
Algemene info / lid worden:
info@d66spijkenisse.nl
Fractie:
fractie@d66spijkenisse.nl
Emailadressen Bestuur:
Voorzitter:
Dick Teegelaar: dick-teegelaar@d66spijkenisse.nl
Secretaris:
Marion Warmerdam: marion-warmerdam@d66spijkenisse.nl
Lid:
Theo Op ten Berg: theo-optenberg@d66spijkenisse.nl
Leden login
| D66 commentaar bij de kadernota 2011. |
| dinsdag, 29 juni 2010 07:09 | |||
|
Bij het opstellen van de kadernota wordt het goede voorbeeld gegeven en is in elk geval alvast een beetje bezuinigd. Met kopiëren en plakken zijn delen van de nota 1 op 1 overgenomen uit het collegeprogramma. Daar waar de overheid, lees de gemeente, terugtreedt zullen anderen de gaten moeten vullen. Zij moeten dan wel gevonden worden en vervolgens in staat gesteld die taken te vervullen. Dat pleit ervoor zo snel mogelijk te beginnen met keuzes maken. Hierover pas discussiëren in december, zoals het college voorstelt, lijkt D66 rijkelijk laat. Wanneer we de discussie in pakweg oktober voeren, kan de uitslag nog in de begroting 2011 worden verwerkt. Dit levert tijdwinst op die ten goede kan komen aan een verantwoorde uitvoering of een extra opbrengst die de gemeentelijke reserves kan versterken. Tenslotte is de toon van het gestelde wel erg positief, terwijl de boodschap dat bepaald niet is. Dat komt de geloofwaardigheid van de nota niet ten goede. Spijkenisse is misschien aantrekkelijker geworden, maar dan vooral voor de mensen die er al wonen. Wat wij te bieden hebben, is in iedere andere stad minstens op hetzelfde niveau aanwezig. Het is goed dat inwoners die het financieel beter krijgen, tegenwoordig niet meer de stad uit hoeven voor een passende woning. Nieuwe bewoners zullen net als vroeger vooral afkomen op onze relatief goedkope rijtjeshuizen. Die komen nu vrij omdat oude bewoners opschuiven naar duurdere, gestapelde woningen. Een en ander betekent dat Spijkenisse nog lang een prominente plaats zal blijven innemen op de foute lijstjes: Hoogste aantal laagopgeleiden, laagste opkomst bij verkiezingen, hoogste aantal stemmen op bedenkelijke partijen. Dat is nooit echt een probleem geweest en hoeft het ook niet te worden. De meeste Spijkenissers hebben een behoorlijk inkomen en onze sociale problemen vallen in het niet vergeleken met die bij onze grote buurman Rotterdam. Wij permitteren ons zelfs de luxe ons druk te maken over slecht onderhouden voortuintjes. Over een beperkter taakgebied gesproken! De in de kadernota gevolgde, uit de programmabegroting afkomstige volgorde zal in deze bijdrage worden gevolgd. De samenwerking tussen de gemeentes op Voorne-Putten kan niet ver genoeg gaan. Spijkenisse heeft als grootste gemeente een speciale verantwoordelijkheid. Zonder de zelfstandigheid van de buurgemeenten aan te tasten en met respect voor de eigenheid kunnen meer en meer taken waarvoor zij feitelijk te klein zijn door Spijkenisse worden uitgevoerd. Dit met in het achterhoofd dat verschillende gemeentebesturen op het eiland er toch wel van uitgaan dat een samenvoeging er op korte termijn aan zit te komen. Over citymarketing het volgende. Alle inspanningen ten spijt strijdt Spijkenisse met Emmen al jaren om de laatste plaats in de woonplaats top vijftig. Dat zal ondanks allerhande marketingtrucs zo blijven, immers het product verandert nauwelijks. Maar vooral wat is er in vredesnaam mis met Emmen. Niets dus. Concentreer je op activiteiten voor de inwoners. In de kadernota is sprake van typische Spijkenisser evenementen. Bedoeld zal wel zijn typisch Spijkenisser evenementen. Wat moeten wij ons daarbij voorstellen? Slapen in zelfgebouwde hutten is leuk, maar gebeurt op meer plaatsen. Ook de Avondvierdaagse kom je overal tegen. Halloween is meer typisch iets uit het buitenland. Het Binnenstadfestival met zijn belcanto-avond is enige jaren inderdaad iets bijzonders geweest, maar dat moest wijken voor winkels zoals je die overal ziet en is vervangen door een festival dat vooral opvalt door het aantal decibellen waarmee het gebodene versterkt wordt. Veiligheid staat sterk in de belangstelling. Niet alleen lokaal maar ook landelijk. Een golf van ideeën, nota’s, criminologen en politieke stellingen overspoelt de samenleving. Politie, Goa’s, Boa’s, buurtpreventie, bureau Halt en ketenregisseurs proberen de uitvoering ter hand te nemen en nooit is het genoeg. Feitelijk kunnen we stellen dat absolute veiligheid niet bestaat en er een moment komt dat de overheid zegt: Tot hier en niet verder. Jeugdoverlast neemt vanzelf af wanneer die leeftijdsgroep krimpt. De bevolkingsstatistiek met een afnemende groene druk biedt hier hoop. Alle geruststellende woorden ten spijt moet gevreesd worden dat de aandacht voor de Nieuwe Westelijke Oeververbinding de aanleg van de A4-zuid niet zal bespoedigen. Een studie naar de aanleg van een N4 tussen Spijkenisse en Hoogvliet wordt daardoor interessant. D66 blijft voorstander van alle brommers op de rijbaan. Overal in de bebouwde kom. Zij horen niet thuis tussen fietsende kinderen en ouders met wandelwagens. Nu de reserve voor de bouw van het nieuwe theater aan de algemene reserve is toegevoegd wordt het tijd ook het bouwplan uit de gemeentelijke retoriek te verwijderen. De vrijkomende exploitatielast is alvast een bezuiniging voor de komende jaren. D66 is tegenstander van een aangepast ontwerp. Liever een paar jaar wachten en dan tot volledige uitvoering overgaan. Het beheer van de openbare ruimte is misschien wel de belangrijkste taak van de gemeente. Hierop past geen besparing. Daar waar efficiënter gewerkt kan worden prima, maar geen verlaging van het onderhoudsniveau. In de volkshuisvesting ligt een grote uitdaging in het omgaan met de bevolkingskrimp. Deze voltrekt zich al een aantal jaren en er zijn geen redenen om aan te nemen dat dit in de toekomst anders zal zijn. Hierover in de kadernota geen woord. D66 vindt dat de gemeenteraad hier in de tweede helft van 2010 over van gedachten moet wisselen. Het aanpassen van de plannen voor Hekelingen-zuid is heel goed. Het betrekken van de dorpsbewoners bij deze aanpassingen zal de kwaliteit en het draagvlak ten goede komen. Het percentage laagopgeleiden is in Spijkenisse groter dan elders in het land. Ook kiezen de kinderen in de stad vaker dan landelijk voor het VMBO. Daar is maar in beperkte mate iets aan te doen, maar daar waar mogelijk investeert de gemeente in het onderwijs en de buitenschoolse opvang. Waarbij de inhoud van de kinderopvang en dan met name de buitenschoolse opvang bekeken moeten worden: een meer educatieve en sportieve invulling bijvoorbeeld. Er wordt gewerkt aan een integraal huisvestingsplan voor het basisonderwijs. Er zal niet aan te ontkomen zijn om schoolgebouwen te sluiten vanwege teruglopende leerlingenaantallen. Het is wel zorgelijk dat scholen op een dusdanige afstand komen, dat leerlingen nauwelijks nog zelfstandig naar school kunnen lopen of fietsen. Met betrekking tot de toekomst van het Centrum voor de Kunsten, niet genoemd in de kadernota, loopt een onderzoek. Maar of het nu bij gemeente blijft of wordt uitbesteed, het moet blijven bestaan! Muziek- en bewegingsonderwijs wordt op basisscholen immers nauwelijks meer gegeven. Sport en verenigingsverband is belangrijk. Zowel voor de gezondheid als voor de sociale samenhang. Dat er in Spijkenisse relatief weinig in verenigingsverband gesport wordt is zorgelijk en er ligt zowel bij de gemeente als de sportverenigingen een verantwoordelijkheid, maar ook hier geldt: Er zijn grenzen aan wat een gemeente verwacht mag worden. De jeugd wordt nogal eens in verband gebracht met overlast. Vaak ten onrechte. Natuurlijk zijn jongeren over vertegenwoordigd in de overlast- en criminaliteitsstatistieken. Dat heeft alles met de menselijke ontwikkeling te maken, is nooit anders geweest en zal ook nooit veranderen. Ook hier past terughoudendheid in wat de gemeente kan. De jeugdraad functioneert onvoldoende. Er zal naar anderen middelen gezocht moeten worden om de jongeren bij de gemeentelijk beleidsvorming te betrekken. Het beleid om de inwoners van de stad aan het werk te houden lijkt succesvol. Ook in benarde tijden. Vooral doorgaan op de ingeslagen weg en bijstellen waar nodig. Samenwerking met vrijwilligersorganisaties bij het voorkomen van schuldproblematiek kan de druk op de schuldhulpverlening beperken. Wij zijn als gezegd van mening, dat burgers niet kunnen verwachten dat de overheid alles voor ze oplost. Daarin onderschrijven wij de uitgangspunten van de WMO. De levensverwachting neemt ook in Spijkenisse toe. Dat betekent dat je je op een gegeven moment moeilijker kan bewegen dan vroeger. Het wordt al steeds normaler dat je je eigen rollator koopt, net als vroeger je eigen wandelstok, en op den duur zullen ook scootmobielen en trapliften door de meeste mensen gewoon uit eigen zak betaald worden. Als je zestien bent, betaalt de gemeente je brommer niet en als je negentig bent ook je scootmobiel niet. D66 is van mening dat Spijkenisse er naar moet streven al in 2020 klimaatneutraal te zijn en niet pas in 2050 zoals onlangs is afgesproken. Daarvoor zijn initiatieven nodig die niet altijd geld kosten. Verder pleiten wij voor een discussie over de verdeelsleutel van de afvalstoffenheffing. Nu in de gestapelde bouw niet meer gescheiden wordt ingezameld is er iets voor te zeggen een verschuiving van de lasten naar die groep te laten plaatsvinden. Over de grondexploitatie valt nog wel het een en ander te zeggen. Er worden ondanks recente afboekingen nog steeds opbrengsten geprognosticeerd die hoogst twijfelachtig zijn. Nadeel van nu benoemen is dat er voor moet worden gereserveerd en daarvoor ontbreekt het aan middelen. Tot slot van deze bijdrage wil D66 de gemeenteraad de volgende moties voorleggen: - Bezuinigingsdiscussie vervroegen - Studie N4 - Aanpassing afvalstoffenheffing Arjun van der Dussen
|



Bij het lezen en beschouwen van de kadernota treedt enige dubbelzinnigheid op. Alle plannen en ideeën voor 2011 worden overschaduwd door de weet dat in 2012 een forse bezuinigingstaakstelling volgt. Het lijkt daarom voor de hand te liggen in 2011 geen nieuwe initiatieven te ontplooien en vast vooruit te kijken naar mogelijkheden om taken te schrappen, goedkoper te maken of de inkomsten te verhogen. Doen we dat niet, dan steken we de spreekwoordelijke kop in het zand.